Vrijeschoolleerkrachten

Voor Seizoener, ‘tijdschrift voor de vrijeschoolwereld’, interviewde ik drie mensen die eerst in het regulier onderwijs lesgaven, en daarna de overstap maakten naar lesgeven op een vrijeschool. Doordat ze er zelf als kind op zaten, of doordat ze voor hun eigen kind voor dit onderwijs kozen.

Constance Houweling: ‘Soms sta ik op het schoolplein als juf, soms als moeder. Dat kan lastig zijn. Als mijn zoon kattenkwaad heeft uitgehaald, weet ik dat als eerste. Maar het helpt om die verschillende rollen te benoemen. En vaak moet ik er ook om grinniken. Sta ik op mijn vrije dag op het schoolplein om mijn zoon weg te brengen, denk ik: eigenlijk wil ik gewoon naar binnen, lekker voor de klas staan.’

 

Van schoolplein naar lerarenkamer

Je kind zit op de vrijeschool, zelf werk je als leerkracht in het regulier onderwijs. Overweeg je de overstap weleens? Deze drie ouders waagden de oversteek van schoolplein naar lerarenkamer: zij geven nu les op de vrijeschool. Waarover twijfelden zij van tevoren? Wat is het grootste verschil in lesgeven? En wat doe je als je je kinderen tegenkomt in de gang? Leerkracht Constance: ‘Het verraste me hoe soepel de overgang ging.’

 

Anna Schellart-de Jongh (42), invalkracht en IB’er op Vrijeschool Widar, Delft

‘Negen jaar geleden gingen we op zoek naar een basisschool voor ons oudste kind. Veel kleuterklassen vond ik kil, maar de kleuterklas van de vrijeschool was anders. Hier hingen geen letters aan de muur maar tekeningen, en elke tekening was anders. Hier werd nog gespeeld.

Lesgeven op de school van je kinderen
Ook mijn andere twee kinderen gingen daarna naar de vrijeschool. Zelf gaf ik intussen al jaren les in het regulier onderwijs. Ik had me altijd voorgenomen nooit les te geven op de school van mijn kinderen. Ik gunde hen de ruimte om fouten te maken zonder dat ik daar als moeder alles van zou meekrijgen. Toch geef ik nu les op de school van mijn kinderen.

Juf Anna of ‘de moeder van Noor en Olja’
Soms kom ik mijn dochters tegen in de gang of tijdens pauzewacht. Dan geven ze me een knuffel, en rennen weer naar hun vriendinnen. Hebben ze in de klas iets grappigs gezegd, dan hoor ik dat terug in de lerarenkamer. Ik ga gewoon naar het tienminutengesprek; als IB’er ken ik de resultaten al, maar ik zit daar op zo’n moment met mijn ‘ouderpet’ op. En spelen er kinderen bij ons thuis, dan noemen ze me niet ‘juf Anna’ maar gewoon ‘de moeder van Noor en Olja’.

Kan ik dit wel?
Het eerste jaar was intensief. Kan ik dit wel? vroeg ik me soms af. Alles is nieuw, en er zijn een paar grote verschillen met het regulier onderwijs. Bijvoorbeeld dat je je eigen lessen ontwerpt. Dat is even wat anders dan een lesmethode volgen. En verhalen vertellen, in plaats van voorlezen uit een boek. Verder heb je gewoon tijd nodig, en coaching door je collega’s, om je te verdiepen in de stof en de ideeën van het vrijeschoolonderwijs. Dat kost energie, maar het levert ook energie op: ik ben blij dat ik dingen meer vanuit mezelf mag doen.

Enorme verrijking
Ik ben voortrekker hier op school bij het vormen van een visie op en het maken van een leerlijn voor ICT. Hoe verhoud je je als vrijeschool tot technologie, wat kun je over dit onderwerp filteren uit Steiners theorieën? Alles bij elkaar kan ik inmiddels oprecht zeggen: ik kan dit. Wat ik doe, klopt. Lesgeven vanuit je hart is een enorme verrijking – ook voor jezelf.’

 

 

Gertien Ottevanger (36), invalkracht kleuterklassen Dordtse Vrijeschool

‘Ik gaf als invalkracht les op verschillende montessorischolen. Op de pabo was ik enthousiast over montessori, maar in de praktijk vond ik het vooral veel ‘moeten’. Je rondes maken, je individuele lesjes geven, en ondertussen alert zijn of het aan de andere kant van de klas goed gaat. Ook de kleuters zelf ‘moesten’ veel, letters leren was eerder een verplichting dan een mogelijkheid.

Mailtje naar de schoolleiding
Toen mijn zoon geboren was koos ik ervoor fulltime voor hem te zorgen. Ik vroeg me af of ik ooit zou terugkeren naar het montessorionderwijs. Vanaf zijn tweede ging mijn zoon naar het Peuterhuis, in Dordrecht. We vonden het er prettig en huiselijk, en inmiddels zit hij op de Dordtse Vrijeschool. Op een dag vlak voor de zomervakantie werd zijn juffie ziek, er was geen vervanging, zijn klas moest naar huis. ‘Ik zou best willen invallen,’ dacht ik. Ik twijfelde even – weet ik genoeg van het vrijeschoolonderwijs af? – maar dacht er meteen achteraan: daar heb je bijscholing voor. Ik stuurde een mailtje naar de schoolleiding.

Uit volle borst
Vanaf september draai ik mee in de kleuterklassen. Mijn eerste dagen als invalkracht heb ik er inmiddels opzitten. De oudste kleuters helpen me, vertellen waar de eetbordjes staan en zetten uit volle borst de ochtendspreuk in, waardoor ik alleen maar hoef in te stromen.
Het is allemaal nog vers, natuurlijk. Maar ik merk bij mezelf dat ik zoveel rustiger voor de klas sta. Niet meer die strakke regeltjes, niet meer die torenhoge verwachtingen over de kinderen. De dag verloopt natuurlijk, waardoor ik me als juf ontspannen voel – en dat weer uitstraal op de kinderen. Toch neem ik ook goeie dingen mee van het montessori. De uitspraken ‘Help mij het zelf te doen’, en ‘Laat je woorden geteld zijn’ vind ik nog altijd waardevol.

Onderwijs waar je blij van wordt
De kinderen geven me enorm veel energie. Hoe ze helemaal opgaan in hun spel en fantasie, hoe de oudste kleuters de jongsten met hun jas helpen als we naar buiten gaan, een kind dat in opperste concentratie zit te tekenen. Hun enthousiasme, elke dag weer, op alle vlakken. Alles opgeteld zeg ik nu: als je je niet prettig voelt bij de ideeën van het onderwijs waar je lesgeeft, kijk dan verder, en zoek naar het onderwijs en de school die bij je passen en waar je blij van wordt.’

 

 

Constance Houweling (45), leerkracht en IB-taken op Vrijeschool Vredehof, Rotterdam

‘Ik herinner me dat ik als jonkie op mijn eerste school een collega had die daar al vijfentwintig jaar werkte. Ik wilde juist altijd verder kijken dan de muren van één school. Een jaar geleden zocht de vrijeschool van mijn zoon leerkrachten. ‘Vrijeschoolervaring is een plus’, stond er in de vacature. Ik reageerde – zonder die ervaring. Vijf minuten later belde de directeur. Of ik op gesprek wilde komen.

Jezelf zijn
Als ouders lieten wij vier jaar geleden onze zoon van zijn reguliere basisschool naar de vrijeschool overstappen. Al na een maand merkten we dat hij hier kon ‘uitademen’ en zichzelf zijn. Inmiddels loop ik zelf als juf rond op deze school, en ik heb nog nooit ergens gewerkt waar ik zo mezelf mag en kan zijn. Het is vooral de ruimte die je als leerkracht krijgt: om op dinsdagmorgen met je klas in het bos te wandelen, om een hele middag te handwerken, om op je eigen, creatieve manier inhoud en vorm te geven aan het onderwijsaanbod.

Piepkuiken
Ik zit drieëntwintig jaar in het onderwijs, heb inmiddels een soort ‘easyness’ ontwikkeld, ik schrik niet meer zo snel van dingen. Sta ik als nieuwe juf voor een klas, dan proberen de kinderen me uit. Ik zie het, herken het, en weet na al die jaren hoe ik ermee om kan gaan. En toch voel ik me dan, heel even, een piepkuiken. Juist dit soort momenten vind ik leuk. Ze houden je wakker, ze houden je scherp.

Soepele overstap
Ik werk hier nu bijna drie maanden, en het heeft me verrast hoe soepel de overstap ging. Mijn collega in de klas naast de mijne is mijn maatje en vraagbaak, de teamvergaderingen zijn een goede manier om kennis op te doen, en ik lees veel. Maar het is vooral een organisch proces: kijken en luisteren naar collega’s, ervaringen opdoen, je laten meenemen in het ritme van de klassen, in het gedachtengoed van het onderwijs, in de jaarfeesten. Bovenal voel ik me gesteund.

Verschillende rollen
Soms sta ik op het schoolplein als juf, soms als moeder. Dat kan lastig zijn. Als mijn zoon kattenkwaad heeft uitgehaald, weet ik dat als eerste. Maar het helpt om die verschillende rollen te benoemen. En vaak moet ik er ook om grinniken. Sta ik op mijn vrije dag op het schoolplein om mijn zoon weg te brengen, denk ik: eigenlijk wil ik gewoon naar binnen, lekker voor de klas staan.’