Een half vraagteken

5 december 2018

‘Goeiemorgen,’ zei de huisarts.
Het was tien over drie ’s middags.
‘Je loopt achter,’ zei ik.
De huisarts liep haastig voor me uit naar de spreekkamer, haar jas wapperde ervan. Over haar schouder zei ze: ‘Soms zijn die dagen zo lang.’

We gingen zitten. De huisarts nam mijn bloeddruk en mijn hartslag op.
‘Hoe voel je je?’ vroeg ze terwijl ze de onder- en bovendrukgetallen invoerde op haar computer.
‘Alsof ik in de Python zit,’ zei ik, ‘in dat stuk bovenaan, net voordat je zo keihard naar beneden gaat en dat je dan echt “wiehaaaaaa” denkt. Maar dan de hele dag door.’
‘O,’ zei ze. ‘Ik zou dat zelf nooit zo omschrijven. Maar goed. Ik snap wat je bedoelt. Denk ik.’

‘Onderdruk was 90, toch?’ zei ik met een blik op het scherm. Daar stond 70.
‘O ja, pfff.’
Ze moest het op meerdere plaatsen aanpassen, anders snapte het systeem het niet meer. Ze zuchtte.

Daarna vulde ze mijn hartslag in. Van 77 maakte ze 72, maar ik zei er niets van.

‘Nou, volgende week een 24-uursmeting,’ zei ze en ze trok een formulier naar zich toe dat ze snel begon in te vullen. Onderaan in een wit vlak schreef ze met woeste halen ‘hypertensie?’. Het vraagteken achter het woord ‘hypertensie’ was een half vraagteken, zag ik, de punt ontbrak, alsof ze die niet meer kon opbrengen, nou ja, ik snapte het wel. Soms zijn die dagen zo lang.

 

 

 

Beeld © Martijn van Berkum

Hier heb ik koorts en droom ik dat er allemaal mensen naar me toe komen die me willen vertellen wat je moet doen als je koorts hebt en er allemaal mensen naar je toe komen.
Hier lees je over vliegen in Iran, mijn Rotterdamse kapper en het dijbeen van Dante.


Geef een reactie